Overslaan naar de hoofd content

Stichting Orgelconcerten Hengelo

Het was kwart over acht en precies op tijd vertrok onze bus richting Zutphen. Omdat het zo vroeg was op deze zaterdag, was er weinig verkeer op de weg.

Zutphen – Walburgiskerk

Na een voorspoedige reis bereikten we de Walburgiskerk. Voor de deur konden we de bus uit, maar we moesten via de achteringang de kerk in. We werden welkom geheten door gastheer Juul Diteweg, een van de vrijwilligers. Koffie en thee stonden klaar.

Onze gastheer vertelde daarna iets over de geschiedenis van de kerk. Al in de 11e eeuw bouwde de bisschop van Utrecht hier een grote Romaanse kerk naar het model van andere Utrechtse kerken. In de 13e eeuw werd deze kerk verbouwd in de stijl van de Keulse Romano-Gotiek. In de 14e eeuw werden kooromgang en Raadskapel toegevoegd. In de 15e eeuw werd eerst de zijschepen en later de dwarskapellen gebouwd. Tenslotte ontstond aan de noordzijde het Mariaportaal. In de 16e eeuw werd de Librije gebouwd. Eind 19e eeuw is de kerk ingrijpend gerestaureerd. De neogotische architect P.J.H. Cuypers was hierbij de adviseur. Na de Tweede Wereldoorlog is de geleden oorlogsschade hersteld. Van 1971 tot 1998 is de kerk opnieuw gerestaureerd.  Sinds 1591 is de kerk in gebruik voor de protestantse eredienst.

In deze Walburgiskerk staan 3 orgels: het Baderorgel, het Ahrendorgel (koororgel) en het Hillebrandorgel (kabinetorgel).
Wij kwamen vooral om kennis te maken met het beroemde Henrick Baderorgel. Met zijn prachtige renaissanceklanken en zijn laat barokke toevoegingen behoort het tot een van de fraaiste orgels in Nederland.
De geschiedenis van dit orgel begint als Henrick Bader in 1643 een tweeklaviers orgel met vrij pedaal en 24 stemmen oplevert dat boven de ingang van de Mariakapel werd gesitueerd. In de daaropvolgende jaren vindt onderhoud plaats maar pas in 1815 krijgt orgelbouwer Timpe opdracht om het orgel grondig aan te pakken.
Hij restaureert het orgel, breidt het uit met een bovenwerk en verplaatst het orgel in zijn geheel naar het koor. Het aantal registers komt op 39. Bijna honderd jaar later krijgt orgelbouwer Spit, in het kader van een algehele restauratie van de kerk, opdracht om het orgel te verplaatsen naar de westkant van de kerk, voor de toren en onder het eerste gewelf.

In 1996 voert orgelbouwer Reil een algehele restauratie uit waarbij met behoud van het door Timpe aangebrachte bovenwerk de situatie van 1643 uitgangspunt is. Het orgel is nu met zijn 38 registers verdeeld over 3 klavieren en pedaal misschien wel het mooiste orgel uit de late Renaissance dat we in Nederland hebben.
In overleg met de Rijkdienst voor het Cultureel Erfgoed werd reparatie en/of vervanging van orgelpijpen uitgevoerd in de periode november 2024 – juni 2025 door de firma Reil.

Deze geschiedenis van het orgel werd verteld door organist Klaas Stok voordat hij ons trakteerde op een kort concert. Hij liet ons stukken van Praetorius en van Boehm horen en van Sweelinck met een echo-effect. Tot slot een bewerking van ‘Wie schön leuchtet der Morgenstern’ van de vorige vaste organist, Bert Matter, die enkele dagen voor ons concert het tijdige met het eeuwige had verwisseld.

Hierna gaf kerkgids Louis Peeters een rondleiding door de kerk en konden we genieten van vele bijzondere bezienswaardigheden. Ikzelf vond de kaarsenkroon een van de mooiste dingen.

Lunchtijd naderde dus iedereen kon naar buiten, waar het af en toe een beetje spetterde, om zich tegoed te doen aan de Zutphense broodjes etc.

Epe – Grote Kerk

Om kwart voor een stond iedereen klaar voor het vervolg van onze reis. We reden naar de Grote Kerk van Epe, waar we gingen genieten van een mooi orgel, een rijksmonument, dat normaal gebruikt wordt voor de begeleiding van de gemeentezang, maar waar ook veel concerten op worden gegeven.

Het Meere-orgel is gebouwd in 1809 door de Utrechtse meester orgelmaker Abraham Meere en heeft in de twintigste eeuw diverse wijzigingen en uitbreidingen ondergaan.

Op deze dag werd het concert verzorgd door de organist van de kerk Ane Mulder. Hij had een mooi programma voor ons samengesteld met een zestal korte werken die een mooi beeld gaven van de mogelijkheden van dit kleine, maar fijne orgel (met een veel te bescheiden organist). Het programma was ook nog eens op papier gedrukt met toelichting en toevoeging van de registers die bij dat werk gebruikt werden.

Tenslotte konden we met de organist van gedachten wisselen onder het genot van een kopje thee of koffie. Waarna we vertrokken naar Deventer.

Deventer – Bergkerk

Het was een korte reis, dus al snel konden we de bus weer verlaten voor een korte klim naar de Bergkerk, letterlijk het hoogtepunt van het Bergkwartier, een middeleeuwse wijk met hellende straatjes en trappen, die vanwege de voorbeeldige restauratie internationale bekroning ten deel viel. In 1967 verloor de kerk haar functie als Godshuis. In dat jaar verkocht de Nederlands Hervormde Kerk het sterk vervallen gebouw voor het symbolische bedrag van één gulden aan de gemeente Deventer. Na een grondige restauratie is de Bergkerk nu o.a. in gebruik als tentoonstellingsruimte voor beeldende kunst. Het is nu een mooie serene ruimte geworden met daarin nog allerlei echo’s uit het verleden.

De ontstaansgeschiedenis begint einde 11e eeuw en bij de plechtige inwijding in 1206 werd de kerk toegewijd aan Sint Nikolaas. Tot de oudste onderdelen van het interieur behoren de zeskantige preekstoel en de koperen kaarsenkroon. Net als in Zutphen zijn ook hier nog oude grafstenen. Ook niet meer op hun oorspronkelijke plaats. Het huidige orgel stamt uit 1843 en is gebouwd door de uit Osnabrück afkomstige orgelbouwer Johann Heinrich Holtgräve. Aangenomen wordt dat Holtgräve gebruik heeft gemaakt van onderdelen van het oude Bergkerkorgel, dat 1639 door de gebroeders Arnholt en Tobias Baders was gebouwd. Het Holtgräve-orgel, dat een Duits-romantische klankkleur meekreeg, is in 1980-1981 grondig gerestaureerd door K.B. Blank & Zoon uit Herwijnen en wordt regelmatig voor concerten bespeeld.

Het concert werd voorafgegaan door een gedegen inleiding door de organist Maurits Bunt. Tenslotte speelde hij een uitgebreide improvisatie om ons te laten horen wat er voor vele mogelijke registers en combinaties konden worden beluisterd. Hij besloot zijn optreden met twee korte dansen uit Gdansk en een stuk van C.Ph.E. Bach.


Met een hoofd vol orgelklanken keerden we deze kerk de rug toe om af te dalen naar onze bus en het dagelijkse leven. Keurig op tijd waren we weer terug in Hengelo. We bedanken onze chauffeur, die ons overal veilig en secuur naar toe reed en de organisatoren van deze dag, want ik weet hoeveel uren werk daarin gaat zitten.

Dit verslag is gemaakt door Alice Rusch met behulp van allerlei materiaal, dat meegenomen mocht worden uit de diverse kerken.